Het decreet van 22.12.2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 2, artikel 40§3 en artikel 41.
Het decreet van 22.12.2017 over het lokaal bestuur in het bijzonder artikel 351.
Besluit van de gemeenteraad van Tielt 08.03.2007 betreffende subsidiereglement inzake het onderhoud en de (her)aanleg van knotbomen, veedrinkpoelen en bronnen.
Met dit reglement wil de stad de (her)aanleg en/of het onderhoud van welbepaalde kleine landschapselementen zoals knotbomen, veedrinkpoelen en bronnen ondersteunen om zo de eigenheid van het landelijk gebied te behouden en de natuurwaarde te vergroten. De subsidie kan worden aangevraagd door landbouwers en particulieren uit het landelijk gebied, en door verenigingen.
De subsidie wordt toegekend op grond van de werkzaamheden aan KLE's die men heeft verricht.
Het besluit van de gemeenteraad van Tielt van 08.03.2007 betreffende subsidie subsidiereglement inzake het onderhoud en de (her)aanleg van knotbomen, veedrinkpoelen en bronnen dient te worden opgeheven.
Het ontwerp van reglement werd besproken in de Milieuraad van 24.11.2025.
De geraamde uitgaven voor de subsidie inzake het onderhoud en de (her)aanleg van knotbomen, veedrinkpoelen en bronnen worden opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031.
De gemeenteraad beslist:
Artikel 1
Het besluit van de gemeenteraad van Tielt van 08.03.2007 betreffende reglement subsidie inzake het onderhoud en de (her)aanleg van knotbomen, veedrinkpoelen en bronnen wordt opgeheven.
Artikel 2
Het reglement betreffende de subsidie inzake het onderhoud en de (her)aanleg van knotbomen, veedrinkpoelen en bronnen wordt als volgt vastgesteld:
DOEL VAN HET REGLEMENT
Artikel 1
Met dit reglement wil de stad de (her)aanleg en/of het onderhoud van welbepaalde kleine landschapselementen zoals knotbomen, veedrinkpoelen en bronnen ondersteunen om zo de eigenheid van het landelijk gebied te behouden en de natuurwaarde te vergroten.
Dit reglement bepaalt wie in aanmerking komt om de subsidie te ontvangen, op basis van duidelijke voorwaarden en criteria.
CONTACTGEGEVENS
Artikel 2
Voor meer informatie over dit reglement kan je terecht bij:
Stad Tielt
Dienst Ruimte
Markt 13
051/82 66 00
milieu@tielt.be
DEFINITIES
Artikel 3
In dit reglement betekent:
- Landelijk gebied: Onder landelijk gebied wordt begrepen de volgende zones op het gewestplan: agrarisch gebied, natuurgebied, natuurreservaat, parkgebied en woongebied met landelijk karakter.
- klein landschapselement (KLE): kleine landschapselementen of KLE's zijn letterlijk wat hun naam doet vermoeden: kleine natuurlijke elementjes in het landschap: bomenrijen, houtkanten, dreven, knotbomen, hagen en heggen, grachten, poelen, kleine bosjes … Kleine landschapselementen maken het landschap en bepalen hoe het eruitziet.
- knotten: het periodiek verwijderen van de kruin van een boom door de takken af te zagen.
- knotbomen: bomen die periodiek geknot worden. Verschillende soorten komen hiervoor in aanmerking. Cultuurhistorisch deed men dit om gebruikshout te verkrijgen. Tegenwoordig vormen knotbomen, vooral in rijen langs waterlopen of perceelsranden, zeer typerende landschapselementen. Naast hun landschappelijke waarde vormen ze belangrijke refugia voor fauna en flora en vervullen ze ook de rol van verbindingsstructuur tussen natuurgebieden onderling. Knotbomen dienen regelmatig te worden geknot om de gezondheid van de boom te garanderen.
- veedrinkpoelen: putten gevuld met water gelegen in weilanden; ze vormen zeer waardevolle puntvormige landschapselementen wegens hun groot belang voor amfibieën en het waterleven in het algemeen.
- Bronnen: plaats waar een grondwaterlichaam aan de oppervlakte komt om vandaar af te stromen; ze vormen locaties met verhoogde plantendiversiteit (bron- en tredsoorten) en een belangrijke biotoop voor dieren (vnl. amfibieën).
- Ruimen:
Bij bronnen: het verwijderen van aarde en organisch materiaal zodat het uittreden van het grondwater weer vrij kan gebeuren
Bij veedrinkpoelen: het slibpakket dat in de loop van de jaren wordt gevormd door organisch materiaal verwijderen tot op de originele bodem van de poel
- Aanleggen:
Bij bronnen: het verwijderen van de bovenste bodemlaag zodat het daar aanwezige grondwater een plaats krijgt waar het kan uittreden.
Bij veedrinkpoelen: het graven van een put die dan met regenwater of grondwater wordt opgevuld.
DOELGROEP EN TOEPASSINGSGEBIED
Artikel 4
De subsidie kan worden aangevraagd door:
Landbouwers en particulieren uit het landelijk gebied
Verenigingen die de werken uitvoeren in opdracht van de eigenaar/pachter
De subsidie kan worden aangevraagd voor de landschapselementen die gelegen zijn in het landelijk gebied binnen het grondgebied van groot Tielt. Ook indien de kleine landschapselementen gelegen zijn in andere gebieden maar palen aan het landelijk gebied zoals hiervoor omschreven komen zij nog in aanmerking voor subsidie. Het schepencollege is bevoegd hierover te oordelen.
BEGUNSTIGDEN
Artikel 5
De subsidie kan worden toegekend aan:
Landbouwers en particulieren uit het landelijk gebied
Verenigingen die de werken uitvoeren in opdracht van de eigenaar/pachter
Die
voldoen aan de voorwaarden en criteria vermeld in dit reglement
een volledige aanvraag indienen
VOORWAARDEN
Artikel 6
De aanvrager dient gerechtigd te zijn tot het verrichten van de gevraagde aanleg of het gevraagde onderhoud. In voorkomend geval dient de aanvraag de schriftelijke overeenkomst te bevatten. Bij betwistingen over eigendomsrechten en pachtovereenkomsten houdt het College zich het recht voor de aanvraag te weigeren.
De aanvraag dient in overeenstemming te zijn met de reeds geldende wetten, reglementering en gebruiken.
Met betrekking tot knotten:
In de omgeving van de knotbomen(rijen) die het voorwerp uitmaken van een subsidieaanvraag worden geen werkzaamheden verricht die leiden tot negatieve wijzigingen; niet branden, geen grondbewerkingen, geen spreiding van meststoffen en biociden in een strook van minstens 3 m langs weerszijden van de betrokken knotbomen(rijen).
Wanneer de kans bestaat op beschadiging (vraat) door vee, dient het betrokken landschapselementen geheel beschermd te worden door een veekering.
Enkel de knotrijpe bomen (vorige onderhoudsbeurt tenminste 5 tot 8 jaar geleden) komen voor een onderhoudsbeurt in aanmerking.
Het knotten, opsnoeien en afzetten dient te gebeuren in de periode van 1 november tot 1 maart. De staken dienen onder een schuine hoek te worden afgezet tot aan de stam. Het snoeihout dient
verwijderd te worden voor 15 maart. Het snoeihout mag niet worden verbrand.
Met betrekking tot veedrinkpoelen en bronnen:
Teneinde dichtgroeiing en verlanding van de poel tegen te gaan, dient het overtollige slib te worden geruimd. Nieuwe poelen worden afhankelijk van de mate van verlanding geruimd voor het tiende jaar. Aanwezige poelen dienen in stand te worden gehouden door ze afhankelijk van de mate van verlanding te ruimen. Dit dient elke 10 tot 15 jaar te gebeuren. Ruimingen dienen uitgevoerd te worden in de periode van 1 september tot 15 oktober. Het slibpakket dient verwijderd te worden tot op de harde bodem. Rond de betrokken landschapselementen mag zich geen restafval (huisvuil, bouwpuin,…) bevinden.
Teneinde dichtgroeiing van de bron tegen te gaan, dient het organisch materiaal en de aarde periodiek te worden geruimd zodat het water vrij kan uitstromen.
In de omgeving van de veedrinkpoelen en bronnen die het onderwerp uitmaken van een subsidieaanvraag worden geen werkzaamheden verricht die leiden tot negatieve wijzigingen; geen kunstmatige ontwateringen, geen grondbewerkingen tenzij ruimingen van poelen, geen spreiding meststoffen en biociden in een omtrek van minstens 5 m rond de betrokken landschapselementen.
Wanneer de kans bestaat op beschadiging (vertrappeling) door vee, dient het betrokken landschapselementen geheel of gedeeltelijk (voor minstens 2/3) beschermd te worden door een veekering. Het inschakelen van de landschapselementen als drenkplaats blijft daarbij evenwel steeds toegelaten.
Ondergedoken waterplanten zijn zeer belangrijk, maar mogen niet gans de poel dichtgroeien. In voorkomend geval dient een gedeelte van de waterplanten in het najaar te worden verwijderd. Te veel beschaduwing met heesters of bomen dient vermeden te worden.
De oevers van poelen dienen trapsgewijze of glooiend aangelegd te worden, in de eerste plaats voor wat de noordelijke oeverzone betreft. De maximale waterdiepte bedraagt 1 tot 1,5 m ; tijdens de zomerperiode moet echter minstens 0,5 m water aanwezig blijven in de poel.
Het uitzetten van vissen en watervogels dient ten alle prijze te worden vermeden aangezien eieren en larven van amfibieën hierdoor te sterk gepredateerd worden.
PROCEDURE
Artikel 7
In het voorgedrukte aanvraagformulier moeten volgende gegevens opgenomen worden:
- Naam, voornaam, adres, hoedanigheid en rekeningnummer van de aanvrager
- In voorkomend geval: naam van de opdrachtgever
- omschrijving van de locatie van de betrokken kleine landschapselementen
- Aard van de handeling en omschrijving van het betrokken kleine landschapselement
- Datum van uitvoering van de werken
Volgende bijlagen dienen bij het aanvraagformulier te worden gevoegd:
- Situatieschets of plan met duidelijke aanduiding van de kleine landschapselementen
- In voorkomend geval: schriftelijke overeenkomst tussen de vereniging en de eigenaar/pachter waarin toelating wordt verleend om bedoelde werken uit te voeren.
SUBSIDIEBEDRAG
Artikel 8
Knotbomen
knotbomen van meer dan 5 jaar oud: 10 euro/stam/knotbeurt;
Veedrinkpoelen
Onderhoud: 50 euro/poel/ruimingsbeurt
(Her)aanleg: 250 euro/poel
bronnen
Onderhoud: 25 euro/bron/onderhoudsbeurt
(Her)aanleg: 125 euro/bron
Het College van Burgemeester en Schepenen beslist omtrent de toekenning van de toelage binnen de perken van de op de begroting voorziene en goedgekeurde kredieten.
CONTROLE
Artikel 9
Na afloop van de gestelde handelingen, (knotten, slibruiming, …) doet de aanvrager aan het stadsbestuur melding van het einde der werken.
Een ambtenaar zal achteraf de terreinen voor controle bezoeken en zich ervan vergewissen of de gestelde handelingen correct werden uitgevoerd. Op basis van een positief verslag van de bevoegde ambtenaar beslist het College van Burgemeester en Schepenen over het subsidiebedrag. Binnen de marges van de op de begroting voorziene en goedgekeurde kredieten wordt het subsidiebedrag toegekend, conform de tarieven vermeld in onderhavig reglement.
De stad behoudt zich het recht voor om op elk moment controles uit te voeren op de correcte uitvoering van de aangevraagde handelingen. Als uit de controle blijkt dat de werken niet werden uitgevoerd of dat onjuiste informatie werd verstrekt, kan de subsidie geheel of gedeeltelijk worden teruggevorderd.
Bij ernstige inbreuken kan de aanvrager worden uitgesloten van toekomstige subsidie-mogelijkheden.
INWERKINGTREDING
Artikel 10
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.
BEKENDMAKING
Artikel 11
Dit reglement wordt bekendgemaakt via de website van de stad.
Artikel 3
Dit reglement treedt in werking op 01.01.2026.
Artikel 4
Dit besluit zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en artikel 287 van het decreet over het lokaal bestuur van 22.12.2017.